Quantcast

Minder antibiotica door interventie in FTO

Research paper by Marcia Vervloet, Marianne Meulepas; Jochen Cals; Mariëtta Eimers; Lucas van der Hoek; Liset van Dijk

Indexed on: 07 Jan '17Published on: 01 Dec '16Published in: Huisarts en wetenschap



Abstract

Samenvatting Vervloet M, Meulepas MA, Cals JWL, Eimers M, Van der Hoek LS, Van Dijk L. Minder antibiotica door interventie in FTO. Huisarts Wet 2016;59(12):546-50. Achtergrond Irrationeel antibioticagebruik voor luchtweginfecties is een belangrijke risicofactor voor antibioticaresistentie. Het doel van dit onderzoek is het evalueren van het effect van een interventie met meer componenten gericht op het verminderen van het aantal antibioticavoorschriften voor luchtwegklachten in de huisartsenpraktijk. Methode Dit is een clustergerandomiseerde gecontroleerde trial met een voor- en nameting. We hebben de interventie geïmplementeerd via het Farmacotherapeutisch Overleg (FTO), waarin huisartsen met apothekers samenwerken om de farmacotherapie te optimaliseren. We hebben de interventie in vier FTO-groepen (met in totaal 39 huisartsen) uitgezet, bestaande uit de volgende componenten: 1) een communicatietraining voor huisartsen, onder andere betreffende het communiceren over een uitgesteld recept; 2) implementatie van formulariumafspraken over het voorschrijven van antibiotica in het Elektronisch Voorschrijf Systeem (EVS) van huisartsen; 3) elk kwartaal feedback op basis van voorschrijfcijfers voor huisartsen. Vier andere FTO-groepen (met in totaal 38 huisartsen) vormden gematchte controlegroepen. De primaire uitkomstmaat was het aantal antibioticavoorschriften na de interventie (gecontroleerd voor het aantal voorschriften in de voormeting), dat we hebben geanalyseerd met multilevel-regressieanalyses. We analyseerden het totale aantal voorschriften en het aantal voorschriften gestratificeerd naar leeftijd (afkappunt 12 jaar). Resultaten Bij de voormeting was het gemiddeld aantal antibioticavoorschriften voor luchtwegklachten 207,9 en 176,7 per 1000 patiënten in respectievelijk de interventie-FTO-groepen en controle-FTO-groepen. Bij de nameting schreven huisartsen in zowel de interventie- als controlegroepen significant minder antibiotica voor. Voor adolescenten en volwassenen was de afname in het aantal antibioticavoorschriften significant groter in de interventiegroepen (–27,8 per 1000 patiënten) dan in de controlegroepen (–7,2 per 1000 patiënten; p < 0,05); voor kinderen was er geen verschil. Conclusie Deze uit meer componenten bestaande interventie was effectief in het terugdringen van het aantal antibioticavoorschriften voor luchtwegklachten voor adolescenten en volwassenen. Om het voorschrijfgedrag van huisartsen voor kinderen te veranderen zullen we naar andere methoden moeten zoeken. Samenvatting Vervloet M, Meulepas MA, Cals JWL, Eimers M, Van der Hoek LS, Van Dijk L. Minder antibiotica door interventie in FTO. Huisarts Wet 2016;59(12):546-50. Samenvatting Vervloet M, Meulepas MA, Cals JWL, Eimers M, Van der Hoek LS, Van Dijk L. Minder antibiotica door interventie in FTO. Huisarts Wet 2016;59(12):546-50. Vervloet M, Meulepas MA, Cals JWL, Eimers M, Van der Hoek LS, Van Dijk L. Minder antibiotica door interventie in FTO. Huisarts Wet 2016;59(12):546-50. Achtergrond Irrationeel antibioticagebruik voor luchtweginfecties is een belangrijke risicofactor voor antibioticaresistentie. Het doel van dit onderzoek is het evalueren van het effect van een interventie met meer componenten gericht op het verminderen van het aantal antibioticavoorschriften voor luchtwegklachten in de huisartsenpraktijk. Achtergrond Irrationeel antibioticagebruik voor luchtweginfecties is een belangrijke risicofactor voor antibioticaresistentie. Het doel van dit onderzoek is het evalueren van het effect van een interventie met meer componenten gericht op het verminderen van het aantal antibioticavoorschriften voor luchtwegklachten in de huisartsenpraktijk. Methode Dit is een clustergerandomiseerde gecontroleerde trial met een voor- en nameting. We hebben de interventie geïmplementeerd via het Farmacotherapeutisch Overleg (FTO), waarin huisartsen met apothekers samenwerken om de farmacotherapie te optimaliseren. We hebben de interventie in vier FTO-groepen (met in totaal 39 huisartsen) uitgezet, bestaande uit de volgende componenten: 1) een communicatietraining voor huisartsen, onder andere betreffende het communiceren over een uitgesteld recept; 2) implementatie van formulariumafspraken over het voorschrijven van antibiotica in het Elektronisch Voorschrijf Systeem (EVS) van huisartsen; 3) elk kwartaal feedback op basis van voorschrijfcijfers voor huisartsen. Vier andere FTO-groepen (met in totaal 38 huisartsen) vormden gematchte controlegroepen. De primaire uitkomstmaat was het aantal antibioticavoorschriften na de interventie (gecontroleerd voor het aantal voorschriften in de voormeting), dat we hebben geanalyseerd met multilevel-regressieanalyses. We analyseerden het totale aantal voorschriften en het aantal voorschriften gestratificeerd naar leeftijd (afkappunt 12 jaar). Methode Dit is een clustergerandomiseerde gecontroleerde trial met een voor- en nameting. We hebben de interventie geïmplementeerd via het Farmacotherapeutisch Overleg (FTO), waarin huisartsen met apothekers samenwerken om de farmacotherapie te optimaliseren. We hebben de interventie in vier FTO-groepen (met in totaal 39 huisartsen) uitgezet, bestaande uit de volgende componenten: 1) een communicatietraining voor huisartsen, onder andere betreffende het communiceren over een uitgesteld recept; 2) implementatie van formulariumafspraken over het voorschrijven van antibiotica in het Elektronisch Voorschrijf Systeem (EVS) van huisartsen; 3) elk kwartaal feedback op basis van voorschrijfcijfers voor huisartsen. Vier andere FTO-groepen (met in totaal 38 huisartsen) vormden gematchte controlegroepen. De primaire uitkomstmaat was het aantal antibioticavoorschriften na de interventie (gecontroleerd voor het aantal voorschriften in de voormeting), dat we hebben geanalyseerd met multilevel-regressieanalyses. We analyseerden het totale aantal voorschriften en het aantal voorschriften gestratificeerd naar leeftijd (afkappunt 12 jaar). Resultaten Bij de voormeting was het gemiddeld aantal antibioticavoorschriften voor luchtwegklachten 207,9 en 176,7 per 1000 patiënten in respectievelijk de interventie-FTO-groepen en controle-FTO-groepen. Bij de nameting schreven huisartsen in zowel de interventie- als controlegroepen significant minder antibiotica voor. Voor adolescenten en volwassenen was de afname in het aantal antibioticavoorschriften significant groter in de interventiegroepen (–27,8 per 1000 patiënten) dan in de controlegroepen (–7,2 per 1000 patiënten; p < 0,05); voor kinderen was er geen verschil. Resultaten Bij de voormeting was het gemiddeld aantal antibioticavoorschriften voor luchtwegklachten 207,9 en 176,7 per 1000 patiënten in respectievelijk de interventie-FTO-groepen en controle-FTO-groepen. Bij de nameting schreven huisartsen in zowel de interventie- als controlegroepen significant minder antibiotica voor. Voor adolescenten en volwassenen was de afname in het aantal antibioticavoorschriften significant groter in de interventiegroepen (–27,8 per 1000 patiënten) dan in de controlegroepen (–7,2 per 1000 patiënten; p < 0,05); voor kinderen was er geen verschil. Conclusie Deze uit meer componenten bestaande interventie was effectief in het terugdringen van het aantal antibioticavoorschriften voor luchtwegklachten voor adolescenten en volwassenen. Om het voorschrijfgedrag van huisartsen voor kinderen te veranderen zullen we naar andere methoden moeten zoeken. Conclusie Deze uit meer componenten bestaande interventie was effectief in het terugdringen van het aantal antibioticavoorschriften voor luchtwegklachten voor adolescenten en volwassenen. Om het voorschrijfgedrag van huisartsen voor kinderen te veranderen zullen we naar andere methoden moeten zoeken.